Ga naar de inhoud van deze pagina.
Jaarstukken 2024 Jaarrekening 2024

Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording

Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de Financiële verordening gemeente Katwijk 2024, het Normenkader financiële rechtmatigheid 2024-2026 en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV van oktober 2024. De rechtmatigheidsverantwoording ziet toe op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen (SiSa) op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet. De financiële rechtmatigheid omvat het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het Misbruik & Oneigenlijk gebruik (M&O) criterium.

Begrotingscriterium

Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende (deel)programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd.
Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal geautoriseerde investeringskredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaalbedrag van het investeringskrediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. Bij salarislasten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van de totaal geautoriseerde salarislasten. Een overschrijding van salarislasten op taakveldniveau passend binnen het totaal van de personeelsbegroting wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

• Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal situaties in de Financiële verordening gemeente Katwijk 2024 (artikel 13 lid 4) is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Bij onderschrijdingen van lasten of investeringskredieten en/of lagere of hogere baten dan begroot geldt dat deze als rechtmatig zijn aangemerkt als deze toereikend zijn toegelicht in een tussentijdse rapportage gedurende het boekjaar 2024 dan wel toereikend zijn toegelicht in de jaarrekening 2024.

Voorwaardencriterium

Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse externe en interne wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

• Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het door de raad op 19 december 2024 vastgestelde Normenkader financiële rechtmatigheid 2024-2026.

M&O-criterium

Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen gepleegd door burgers en bedrijven buiten de organisatie bij financiële beheershandelingen.

• Het beleid van de gemeente met betrekking tot het gebruik van het M&O-criterium is vastgelegd in verschillende verordeningen, procedures en processen. Deze regelingen bevatten bepalingen die tot doel hebben het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Geconstateerd misbruik van overheidsgelden dat heeft geleid tot terugvorderingen en het opleggen van sancties (de financiële effecten van het misbruik zijn tenietgedaan) en op een getrouwe wijze is verwerkt in de jaarrekening is niet opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. Wel wordt via de paragraaf bedrijfsvoering inzicht gegeven in de aard en (financiële) impact van het bij de gemeente geconstateerde misbruik. Indien de bedragen niet zijn teruggevorderd en in de jaarrekening geen terugvordering is verantwoord, is er sprake van een getrouw beeld fout die niet wordt opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

De rechtmatigheidsverantwoording hanteert een grensbedrag waarboven cumulatieve rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen. Deze verantwoordingsgrens is door de raad bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 2,602 miljoen.

Een rapportagegrens van € 100.000 is gehanteerd waarboven (niet-acceptabele) individuele rechtmatigheidsfouten en rechtmatigheidsonduidelijkheden in de paragraaf Bedrijfsvoering worden opgenomen en nader worden toegelicht.