Rijksbeleid
Algemeen uitgangspunt is dat de gemeente geen eigen inkomenspolitiek voert. Artikel 216 van de Gemeentewet bepaalt, dat de raad besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting. Hiervoor wordt een belastingverordening vastgesteld. De gemeentelijke belastingheffing is gebaseerd op de artikelen 220 tot en met 229 van de Gemeentewet. De heffingen/rechten mogen niet meer opbrengen dan de kosten die de gemeente maakt (maximaal 100% kostendekking). Er zijn landelijke richtlijnen waarin staat aangegeven welke kosten daarin betrokken mogen worden.
Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR)
Met ingang van 1 januari 2013 zijn de werkzaamheden met betrekking tot de heffing en invordering van de OZB, BRWB, parkeerbelasting (naheffingsaanslagen binnenlandse kentekens), hondenbelasting, precariobelasting, toeristenbelasting, marktgelden weekmarkt, havengelden, begraafrechten, afvalstoffenheffing en rioolheffing overgedragen aan de BSGR. In 2023 zijn ook de werkzaamheden met betrekking tot de Bedrijfsinvesteringszone overgedragen aan de BSGR. Ook de taken die voortvloeien uit de Wet WOZ (waardering onroerende zaken) worden door de BSGR uitgevoerd.
De naheffingsaanslagen voor Duitse en Belgische kentekens worden sinds 2024 opgelegd en ingevorderd door Cannock Chase.
Heffingen
Gemeentelijk Tariefbeleid
De inflatiecorrectie, die moet worden toegepast bij belastingen om de reële opbrengst gelijk te houden, is door de raad voor 2025 bepaald op 5,16%. Bij de vaststelling van de tarieven van de OZB en BRWB is rekening gehouden met de waardestijging van het onroerend goed. Voor de heffingen/rechten is zoveel mogelijk een kostendekkend tarief bepaald.
Onroerende-zaakbelastingen (OZB)
In 2025 zijn de waarden van de onroerende zaken naar de waarde peildatum 1 januari 2024 per beschikking aan belanghebbenden bekendgemaakt op grond van de Wet WOZ. De OZB wordt voor woningen alleen geheven van de eigenaren. Voor niet-woningen worden zowel eigenaren en gebruikers aangeslagen voor de OZB. De herwaardering van de onroerende zaken vindt jaarlijks plaats. Bij de definitieve vaststelling van de tarieven OZB voor 2025 (raadsbesluit 19 december 2024) is rekening gehouden met een waardestijging per 1-1-2024 (=waarde peildatum voor OZB 2025) ten opzichte van 1-1-2023 voor woningen van 5% en een waardestijging van 1,29% voor niet-woningen.
Belastingen op Roerende Woon- en Bedrijfsruimten
(BRWB)
De tarieven zijn op hetzelfde niveau vastgesteld als de OZB. Ook hier geldt dat de belasting alleen wordt geheven van eigenaren. Alleen de eigenaren van woonschepen krijgen deze belasting opgelegd.
Rioolheffing
De kostendekkendheid van de rioolheffing is in de begroting 2025 ingezet op 100%. Bij de berekening van de tarieven wordt rekening gehouden met het gebruik van de egalisatievoorziening rioolheffing. In de begroting 2025 (na wijziging) is een dotatie aan de voorziening opgenomen van ca € 383.000. De totale kosten (incl. extracomptabel toegerekende BTW en overhead) bedragen € 5.057.000 en vallen ten opzichte van de begroting (€ 5.776.000) ca € 719.000 lager uit. De opbrengsten bedragen € 5.854.000 en zijn € 132.000 hoger dan geraamd (€ 5.722.000). Deze cijfers leiden tot een verhoogde dotatie aan de voorziening ad € 797.618. Door deze dotatie bedraagt de hoogte van de egalisatievoorziening € 797.618.
Afvalstoffenheffing
Ook voor de afvalstoffenheffing geldt in principe een kostendekkend tarief. Bij de berekening van de tarieven wordt rekening gehouden met het gebruik van de egalisatievoorziening afvalstoffenheffing. In de begroting 2025 is een onttrekking aan de voorziening opgenomen van afgerond € 1.225.000. De totale kosten (€ 9.180.000) vallen ten opzichte van de begroting (€ 9.658.000) met € 478.000 lager uit. De opbrengst bedraagt € 8.126.000 en is € 471.000 lager dan geraamd (€ 8.597.000). Deze cijfers leiden tot een onttrekking aan de voorziening van € 1.054.000 (lagere onttrekking ten opzichte van de begroting met € 171.000).
Toeristenbelasting
De tarieven voor toeristenbelasting 2025 (€ 1,62 laag tarief en € 2,26 hoog tarief) zijn, conform de in het verleden met de ondernemers afgesproken convenant, ten opzichte van 2024 met 21,3% verhoogd. Deze verhoging is gebaseerd op de indexering over de afgelopen 4 jaar.
De belasting wordt na afloop van het jaar op aangifte afgedragen aan de BSGR. De opbrengst 2025 wordt na afloop van het kalenderjaar ontvangen. Dit wordt boekhoudkundig op basis van een schatting in 2025 verantwoord.
Het aantal overnachtingen is in 2025 iets gedaald. Het voorschot wat medio 2025 in rekening is gebracht bij logiesverstrekkers was, net als in voorgaande jaren, 40% van het aantal overnachtingen van het voorgaande jaar. Door mutaties in het aantal aanbieders is het bedrag wat aan voorschotten in rekening is gebracht in '25 ca. € 153.000 lager dan begroot.
Precariobelasting
Precariobelasting wordt alleen geheven voor terrassen standplaatsen. De tarieven zijn met 5,16% verhoogd ten opzichte van 2024. Door achterstanden in de verwerking zijn over 2024 en 2025 nog geen aanslagen precariobelasting opgelegd. In de concept jaarrekening is de opbrengst over '24 en '25 als nog te ontvangen bedrag verantwoord. De achterstanden verwachten wij in 2026 in te lopen.
Hondenbelasting
De tarieven hondenbelasting zijn met het inflatiepercentage van 5,16% verhoogd. In 2025 zijn net als in voorgaande jaren huis-aan-huis hondenbelastingcontroles gehouden. De opbrengst bedroeg over 2025 € 467.444 en is iets lager dan de opbrengsten over 2024 (€ 485.474).
Leges Omgevingswet
De opbrengst van de leges Omgevingswet is iets lager (€ 1.744.000) dan waar in de begroting rekening mee werd gehouden, via de Voorjaarsnota '25 is de begrote opbrengst met afgerond € 200.000 verhoogd naar € 1.786.000. Ten opzichte van 2024 (invoeringsjaar Omgevingswet) is het aantal aanvragen, in lijn met de landelijke trend, gedaald met ca. € 1,2 miljoen.
Bestemmingsbelasting Bedrijfsinvesteringszone Zeezijde (BIZZZ)
In 2021 heeft de gemeenteraad de verordening BIZZZ 2022-2026 vastgesteld. In deze verordening wordt geregeld dat de ondernemers in het centrumgebied jaarlijks een bijdrage betalen op basis van de WOZ waarde. Deze bijdrage is een vast bedrag gedurende de looptijd.