Ga naar de inhoud van deze pagina.
Jaarrekening 2025 Jaarrekening 2025

Personele ontwikkeling

Kerngegevens personeelsbestand 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025

Aantal medewerkers op 31-12

475

501

545

566

609

647

660

Aantal toegestane formatieplaatsen (fte) op 31-12

442,4

455,78

478

481,6

546,9

569,4

580

Gemiddelde leeftijd

48

47,4

47,2

46,8

46,4

46,5

47

Gemiddelde diensttijd

13,9

12,6

11,6

10,9

10,3

9,9

Aandeel personeelsbestand fulltimers

51,0%

51,4%

51,7%

53,3%

56,4%

55,0%

53,9%

Aandeel personeelsbestand parttimers

49,0%

48,6%

48,3%

46,7%

43,6%

45%

46,1%

Aantal vrouwen (in % van het personeelsbestand)

51,7%

51,0%

51,9%

52,4%

53,9%

56,0%

56,5%

Aantal mannen (in % van het personeelsbestand)

48,2%

49,0%

48,1%

47,6%

46,1%

44,0%

43,5%

Instroom medewerkers

41

88

94

84

96

91

88

8,6%

17,6%

17,2%

14,8%

15,8%

14,0%

13,4%

Doorstroom medewerkers

28

50

27

36

33

51

54


5,9%

10,0%

5,0%

6,3%

5,4%

8,0%

8,2%

Uitstroom medewerkers

47

53

47

63

59

61

47


9,9%

10,6%

8,6%

11,2%

9,7%

10,0%

7,1%

Loonsom totale organisatie (x € 1.000)

30.347

32.091

35.191

40.506

45.328

53.288

55.085

Ziekteverzuimpercentage

4,9%

4,3%

4,9%

4,7%

6,40%

5,96%

5,7%%

Meldingsfrequentie

1,36

0,87

0,87

1,4

1,03

1,03

1


Personele trends
In 2025 is de gemeentelijke formatie toegenomen naar 580 fte om nieuwe taken op te vangen, zoals klimaat- en energiebeleid, gezondheidsbeleid, participatie en informatiebeveiliging. De gemeente blijft daarbij compact en efficiënt georganiseerd met zo'n 33 fte minder dan gemeenten van gelijke omvang. Het personeelsbestand is divers, met een stijgend aandeel vrouwen en meer deeltijdwerk, terwijl de gemiddelde leeftijd licht stijgt naar 47 jaar. De interne doorstroom neemt toe. De organisatie biedt kansen waardoor de kans op uitstroom en kennisverlies daalt. Het ziekteverzuim daalt verder naar 5,7%. Dit is conform de prognose van de bedrijfsarts op basis van de ondernomen interventies. Het percentage externe inhuur is gestegen. Gezien onze opgaven blijft de behoefte aan specialistische kennis groot. De organisatie stuurt op een doelmatige inzet van inhuur, waarbij het uitgangspunt is: structureel werk structureel organiseren, en tijdelijke behoefte flexibel opvangen. Zo combineren we continuïteit met wendbaarheid. Het inhuurpercentage blijft naar verwachting de komende jaren rond de 23%.