Ga naar de inhoud van deze pagina.
Begroting 2026 Begroting 2026

Actuele ontwikkelingen en technische mutaties

Bedragen * € 1.000 ( - = nadeel, + = voordeel)


Actuele ontwikkelingen en technische mutaties 2026 2027 2028 2029


Actuele ontwikkelingen





1

Meicirculaire

-

-

-

-

2

Begroting Jeugdhulp Holland Rijnland

-425

-550

-500

-401

3

Verlenging onderhoud en beheer Panbos

-

-107

-107

-107


Technische mutaties/bijstellingen





4

Verwerking personeelsmutaties/salarisbegroting/overhead

-385

-400

-246

-172

5

Uitvoering Vitaliteitspact (2026 e.v.)

-200

-200

-200

-200

6

Verwerking actualisering Investeringsagenda

684

1.204

1.423

1.537

7

Herverdeling exploitatie IHP

283

-3

-200

-3

8

Financiering

673

406

-163

-583

9

Aanscherping Voorjaarsnota

-458

-426

-389

-349

10

Actualisering zelfrealisaties en grondexploitaties MPG 2025

-423

-334

-234

-364

11

Bijstelling baten

402

322

326

261

12

Gesloten afvalsysteem

-23

-18

-23

1

13

Bijstelling impactanalyse Valkenhorst

-

-

191

124

14

Actualisering Ondernemersfonds

-109

-109

-109

-109

15

Verkeersveiligheid





a

Voorlichtingscampagnes gedragsbeïnvloeding

-30

-30

-30

-30

b

Uitvoering en scholenaanpak 2023

-22

-30

-15

-

c

Actieplan verkeersveiligheid

-150

-

-

-

16

Werkzaamheden en meekoppelkansen HOV

-159

-

-

-

17

Overige correctie/bijstellingen

-58

-56

-56

-11


Totaal actuele ontwikkelingen en technische mutaties

-400

-331

-331

-406


Toelichting actuele ontwikkelingen en technische mutaties

Volgnummer Toelichting

1

Meicirculaire 2025
De Meicirculaire 2025 is in de begroting verwerkt, conform het voorstel aan de raad in de vergadering van 11 september.
De voordelige saldi van de Meicirculaire voor 2026 en verder zijn daarbij gereserveerd als dekkingsmiddel voor het raadsvoorstel over de financiële ontwikkelingen in de jeugdhulp en de sociaal wijkteams. Punt 2 gaat over de daarna nog resterende budgettaire consequenties van de jeugdhulpbegrotingen voor het begrotingssaldo.

2

Begroting 2026 jeugdhulp Holland Rijnland
Vooruitlopend op de besluitvorming over de financiële ontwikkelingen in de jeugdhulp en de sociaal wijkteams en de regionale begroting 2026 voor jeugdhulp van Holland Rijnland, hebben wij de consequenties daarvan al verwerkt in deze begroting. Voor meer toelichting verwijzen wij naar het raadsvoorstel.

3

Verlenging onderhoud en beheer Panbos
Een eventuele verkoop van het Panbos aan Dunea wordt overwogen als de Raad van State uitspraak over Winning 11 heeft gedaan. Zoals toegezegd aan de gemeenteraad legt het college een eventuele verkoop eerst aan de raad voor voor wensen en bedenkingen. Tot die tijd blijft de gemeente investeren in het Panbos. In de Voorjaarsnota 2025 waren voor de jaren 2025 en 2026 al de kosten voor onderhoud en beheer aan de begroting toegevoegd. Ook de baten uit kaartverkoop zijn geraamd. Deze uitgaven hebben we structureel verwerkt in de begroting.

4

Verwerking personeelsmutaties, salarisbegroting en overhead
De personeelslasten hebben we geactualiseerd ten behoeve van de nieuwe begroting. Per saldo is sprake van een nadeel, onder andere door een correctie op de verwerking van de personeelslasten voor de opvang van Oekraïners en het ramen van een overheadcorrectie voor formatie-uitbreidingen.

5

Uitvoering Vitaliteitspact (2026 en verder)
De regeling Vitaliteitspact, vastgesteld bij B&W-besluit van 14 november 2023 en in werking getreden per 1 januari 2024, biedt medewerkers vanaf vijf jaar voor de AOW-leeftijd de mogelijkheid om 80% te werken tegen 90% salaris en 100% pensioenopbouw. Voor medewerkers met zware fysieke beroepen in het cluster dagelijks beheer geldt een gunstiger variant: 80% werken tegen 95% salaris en drie jaar afbouw overwerk.
Op dit moment nemen 25 medewerkers deel aan deze regeling, onder wie zeven bij dagelijks beheer. De jaarlijkse kosten bedragen € 200.000, gelijk verdeeld over dagelijks beheer en overige clusters. Aangezien medewerkers tot aan hun AOW-leeftijd deelnemen, is incidentele dekking nodig voor de jaren 2026 tot en met 2030. Voor de uitloopkosten in 2030 ramen we op basis van het aantal huidige deelnemers een bedrag van circa € 150.000.
In het collegebesluit zijn middelen gereserveerd voor de eerste twee jaar. Voor de jaren daarna is geen financiële dekking opgenomen. In het besluit staat wel dat aanvullende middelen noodzakelijk zijn vanwege de doorlopende deelname van medewerkers tot aan hun AOW-leeftijd. De evaluatie van de regeling vindt plaats in Q4 2025. Maar gezien de huidige deelname en het positieve effect op het ziekteverzuim (daling van 13,67% in 2023 naar 8,67% in 2024 bij dagelijks beheer), is het wenselijk om nu incidentele middelen te reserveren voor de komende jaren. Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie kan worden besloten om de regeling te verlengen. Er zijn op dit moment geen dekkingsmogelijkheden beschikbaar. De gevraagde middelen komen daarom ten laste van het positieve begrotingssaldo.

6

Actualisering investeringsagenda
De investeringsagenda conform bijlage 2 leidt tot aanpassingen van de afschrijvingslasten. Het deel van de afschrijvingslasten dat aan de gesloten systemen wordt doorgerekend, maakt onderdeel uit van mutaties onder 12.

7

Herverdeling exploitatie Integraal Huisvestingsplan
Gekoppeld aan de IHP-investeringen die zijn verwerkt in de investeringsagenda, zijn in de meerjarenbegroting exploitatielasten opgenomen. Deze lasten hebben onder andere betrekking op tijdelijke huisvesting en verhuiskosten. Op basis van het geactualiseerde IHP hebben we ook de begrote exploitatielasten geactualiseerd.
Door een realistischere begroting per jaarschijf zijn projecten herverdeeld. Dit heeft geleid tot aangepaste budgetten per jaar.

8

Financiering
De actualisering van de investeringsagenda vertaalt zich in een gewijzigde, naar latere jaren verschoven financieringsbehoefte. Daarnaast verwachten wij voor de toekomstig aan te trekken financiering een hoger rentetarief van 3,6% te moeten betalen.

De aanpassing van de investeringsplanning en het hogere tarief leiden voor 2026 en 2027 tot lagere financieringslasten, maar de latere jaren laten een ongunstiger toename zien.

9

Aanscherping Voorjaarsnota
De in de Voorjaarsnota opgenomen ontwikkeling van de belastingopbrengsten moest worden geïndexeerd. Daarnaast was de bezuiniging op de gemeentelijke bijdrage aan verschillende gemeenschappelijke regelingen (MFG nr. 26 FKGR-taakstelling) dubbel verwerkt in de Voorjaarsnota.
Bij de berekening van de indexering van de subsidies hebben we de aanvullend benodigde aanpassing van de oorspronkelijke raming voor 2026 van de gemeentelijke loonsom als index voor de loonkosten genomen. Maar omdat de instellingen een hogere cao kennen, komen we daar niet mee uit. Uitgaande van de in de algemene uitkering gecompenseerde bbp-prijsindex, stellen we een resulterende index van 3,90% voor in plaats van 2,54%. Dit vraagt een aanvullend budget van € 181.000.

10

Actualisering zelfrealisaties en grondexploitaties MPG 2025
De ramingen voor de zelfrealisaties en de grondexploitatieberekeningen (geactualiseerd voor het meerjarenprogramma gebiedsontwikkeling (MPG) 2025), geven op dit moment het meest actuele beeld voor de jaarschijf 2026. De geraamde kosten en opbrengsten van de zelfrealisaties en van de jaarschijf 2026 van het MPG 2025 hebben we verwerkt in de begroting 2026, met bovenvermelde reeks als resultaat.
Van dit nadeel komt circa € 200.000 structureel voor rekening van de zelfrealisaties.
De verhoogde kosten van de gewenste woningbouwrealisatie zijn onder andere het gevolg van participatie. De dossiers worden daardoor complexer en vragen meer ambtelijke inzet, die niet onder de overeengekomen vergoedingen van derden gebracht kan worden.

11

Bijstelling baten:
●Verhoging OZB-opbrengsten
Op basis van de prognose van de OZB-opbrengsten over 2025, de inflatiestijging over 2026 met 2,25%, het incidenteel schrappen van de boventrendmatige verhoging in 2026, de toename van het aantal woningen en de stijging van de gemiddelde WOZ-waarde hebben we een berekening gemaakt van de verwachte OZB-opbrengsten in de meerjarenraming. Deze doorrekening resulteert voor alle jaarschijven in een positief effect ten opzichte van de huidige meerjarenraming.
●Verhoging legesopbrengst door inflatie en hoger aantal gehandicaptenparkeerkaarten
In de Voorjaarsnota 2025 is geen rekening gehouden met de inflatiestijging van de leges. Dit klopt wel voor de bouwleges, maar niet voor de overige leges. Die moeten worden geïndexeerd met 2,25%. Daarnaast is er de afgelopen jaren een toename van het aantal aanvragen van gehandicaptenparkeerkaarten, waardoor de legesopbrengst stijgt. We houden rekening met een voordeel van € 49.1000.
●Kostendekkendheid grafrechten
We verlagen de grafrechten om kosten en baten met elkaar in overeenstemming te brengen.

12

Gesloten afvalsysteem
Bij de afronding van het interne begrotingsproces stellen we jaarlijks, op basis van de begrote lasten en baten, een doorrekening op van de gesloten systemen van afvalstoffenheffing en rioolrechten. In de begroting zijn diverse lasten opgenomen die behoren tot deze gesloten systemen. Bij de doorrekeningen van afval en riolering nemen we de lasten en de baten van de afvalstoffen- en rioolheffingen mee, net als de mutaties op de hiervoor bestaande tariefegalisatievoorzieningen.
Voor 2026 betekent het voor afval een beperkt nadeel voor het begrotingssaldo. Dat ontstaat door de verrekening van de al begrote hogere lasten met de tariefegalisatie- voorzieningen en verwerking van de hogere opbrengst van heffingen als gevolg van tariefstijgingen. Hogere lasten in het kader van gedifferentieerd inzamelen, de boventrendmatige verhoging van de afvalstoffenheffing met 2,0% in 2026 en de hogere bijdrage aan het vuilafvoerbedrijf in de meerjarenbegroting (onder andere vanwege de investeringen in het overlaadstation) leiden tot een hogere onttrekking aan de bijbehorende voorziening in 2026.

13

Bijstelling impactanalyse Valkenhorst
Via de stelpost Valkenhorst houden we alvast rekening met de toekomstige gevolgen voor de gemeente van de groei van Katwijk door de realisatie van deze nieuwe woonwijk. De stelpost is gebaseerd op de in 2021 uitgevoerde impactanalyse. Elk jaar vindt een globale update plaats als gevolg van de geactualiseerde verwachting van woningopleveringen. Ten opzichte van de vorige begroting is sprake van vertraging. Daardoor houden we nu rekening met een last van € 120.000 in 2028 en € 807.000 in 2029. Na vaststelling van het onherroepelijk bestemmingsplan vindt een volledige update van de impactanalyse plaats.
Behalve dat we rekening houden met toekomstige lasten als gevolg van de uitbreiding door Valkenhorst, houden we ook rekening met toekomstige opbrengsten van € 24.000 in 2028 en € 165.000 in 2029. Het gaat daarbij om de stijging van een aantal gemeentelijke belastingen en heffingen. De opbrengsten van OZB, algemene uitkeringen en bijdragen van derden worden elders in de begroting geraamd en maken geen onderdeel uit van deze stelpost.

14

Actualisatie ondernemersfonds
De toevoegingen aan het ondernemersfonds zijn gekoppeld aan de opbrengst van de OZB op de niet-woningen. Die opbrengst is hoger uitgevallen dan aanvankelijk geraamd, waardoor deze verruiming van het fonds in overeenstemming is met het bestaande beleid.

15a

Verkeersveiligheid: voorlichtingscampagnes gedragsbeïnvloeding

Met deze extra structurele € 30.000 gaan we door met de voorlichtingscampagnes gedragsbeïnvloeding verkeersveiligheid en extra campagnes die via Holland Rijnland lopen.

15b

Verkeersveiligheid: uitvoering en scholenaanpak 2023
Voor de uitvoering van de door de gemeenteraad goedgekeurde top 10 en de scholenaanpak uit het verkeersveiligheidsplan 2023 is extra budget nodig: in 2026 €22.000, in 2027 €30.000 en in 2028 €15.000. Dit budget is nodig voor het voorbereiden en begeleiden van de uitvoering van enkele maatregelen.

15c

Verkeersveiligheid: actieplan
In 2026 stellen we een nieuwe top 10 van knelpunten op. Voor deze knelpunten moeten oplossingen komen. De kosten van de onderzoeken naar deze oplossingen bedragen in 2026 in totaal € 150.000 (ongeveer € 15.000 per knelpunt). In het verleden konden we beschikken over de reserve Verkeersveiligheid, maar die dekking is in 2026 niet beschikbaar.

16

Werkzaamheden en meekoppelkansen HOV
De beschikbare middelen voor het project HOV-fase2 blijken ontoereikend. Voor de begeleiding in 2026 zijn extra middelen noodzakelijk. Dat komt allereerst omdat intensievere betrokkenheid van de gemeentelijke projectorganisatie nodig blijkt bij de begeleiding van het project. Ten tweede is de reikwijdte van het project ook dit jaar gegroeid met gemeentelijke raakvlakprojecten/kansen, omdat deze konden meeliften op de werkzaamheden. Daarmee konden we uiteindelijk besparen op toekomstige kosten in het geval we deze werkzaamheden later zelfstandig hadden laten uitvoeren.

17

Overige correcties/bijstellingen
De restpost bestaat uit vier kleinere posten en een afrondingscorrectie:

·Co-financiering maatschappelijke diensttijd (€ 20.492)
Welzijnskwartier heeft een subsidie aangevraagd voor maatschappelijke diensttijd voor 2026, 2027 en 2028. De vereiste voor de subsidie is een cofinanciering van 25% door de gemeente. Deze wordt gedragen door vijf gemeenten, gerelateerd aan het aantal inwoners. Voor de gemeente Katwijk betekent dit een totale cofinanciering van € 61.476 over drie jaar, wat neerkomt op € 20.492 per jaar. Om behoud van maatschappelijke diensttijd te borgen, zoals gevraagd in motie (M1550) en aanvullend op de raadsinformatiebrief afdoening moties en toezeggingen sociaal domein (3741726), moeten we de middelen voor de cofinanciering beschikbaar stellen.

·Monitoring OKO (€ 10.000)
Via de Voorjaarsnota 2025 hebben we een coördinator aangesteld voor de uitvoering van de systematiek Opgroeien in een kansrijke omgeving (OKO). In het kader van de uitvoering worden materiële kosten gemaakt, waaronder de kosten voor de monitoring.

·Voortzetting bijdrage aan Nationaal Park Hollandse Duinen (€ 20.000)
De bijdrage aan het NPHD eindigt in 2025. In afwachting van bestuurlijke ontwikkelingen stellen we voor de deelname voort te zetten en het benodigde budget voor drie jaar beschikbaar te stellen.

Afrondingen.